Virus

Home/Virus

Wat is een virus?

Virussen zijn kleine deeltjes die kunnen leiden tot milde of ernstige ziekten bij mensen, dieren en planten. Een virus is een stukje erfelijk materiaal, DNA of RNA, in een kapsel van eiwit of membraan. Ze zijn niet levend omdat ze altijd een gastheer nodig hebben om zich voort te planten, ze kunnen nooit uit zichzelf delen.

Microscopie

Virusdeeltjes zijn 100 keer kleiner dan een bacteriecel. Een bacterie is dan weer 10 keer kleiner dan een menselijke cel. Het is zo klein dat het niet onder een gewone microscoop te bekijken is. De grote ligt ongeveer tussen de 20 en 300 nanometer. Deze deeltjes kunnen zichtbaar gemaakt worden met een elektronen microscoop.

Levend, dood of levenloos

Virussen zelf zijn niet in leven. Ze kunnen zichzelf niet vermenigvuldigen maar hebben daarvoor altijd een levende menselijke of dierlijke cel nodig. Sommige kunnen zich ook vermenigvuldigen in bijvoorbeeld bacteriën of plantencellen.

Het virusdeeltje komt in de gastheercel en neemt een aantal processen van deze cellen over om zijn eigen vermenigvuldiging te organiseren. De geïnfecteerde cel produceert dan nieuwe deeltjes in plaats van de gebruikelijke producten.

Cylcus

Er zijn een paar eenvoudige stappen die virussen doorlopen in hun reproductiecyclus.

  • Een virusdeeltje hecht aan een gastheercel. Dit proces wordt adsorptie genoemd.
  • Het deeltje injecteert het DNA of RNA in de gastheercel
  • Het DNA of RNA wordt ingebouwd in de gastheer
  • De enzymen van de gastheer beginnen met het maken nieuwe virus onderdelen, dit wordt replicatie genoemd
  • De gevormde nieuwe onderdelen komen samen om nieuwe virussen te vormen. Dit wordt montage genoemd.
  • De nieuw gevormde virussen doden de gastheercel, zodat ze vrijkomen en opzoek kunnen naar een nieuwe gastheercel.

Voorbeelden van virussen

  • Griep, influenza
  • Buikgriep, noro
  • Waterpokken, varicella zoster
  • Herpes, herpes simplex
  • AIDS, HIV
Labuitslag.nl